City Marketing

Oogkleppenpolitiek in Brussel: een bloemlezing by Kwinten Lambrecht

Het stadsbestuur heeft in vele opzichten teleurgesteld de voorbije jaren. Niet alleen Samusocial, het Eurostadion, het optrekken van onnodige bouwwerken zoals NEO en Parking 58, de onprofessionele communicatie rond de voetgangerszone, het nattevingerwerk qua mobiliteit, de netheid etc. Het is een enorme waslijst waarvoor het hele college verantwoordelijk is en moet worden afgestraft.

Heet hangijzer: Mobiliteit

Mobiliteit wordt hét topic in de komende jaren. Mobiliteit as such, namelijk het bewegen in de stad, maar ook de effecten van mobiliteit zijn niet te overzien; iedere dag vallen er doden of gewonden (zelfs op het zebrapad, zie ook destroybxl.tumblr.com), krijgen we te maken met geluidsoverlast én heeft ‘mobiliteit’ nefaste gevolgen voor onze longcapaciteit.

Els Ampe, die verantwoordelijk is voor het en-en beleid en dus eigenlijk niet durft te kiezen voor de stad van de toekomst is de laatste jaren méér dan een wolf in schapenvacht geweest. Ze heeft onderzoeken naast zich neergelegd (ifv het circulatieplan), wist de Handelskaai om te dopen in de Doodskaai, ging vier parkings graven, had zogezegd voor alles vergunningen op zak en tekende op kleuterlijke wijze fietspadenplannen uit die steeds terug naar de tekentafel bij de grote jongens en meisjes moesten. Het is een brokkenparcours geweest en toch blijkt alles zo goed te gaan. Zo hebben we er blijkbaar meer dan 70 km fietspaden bijgekregen, tonnen fietsnietjes en fietsboxen en vooral verf, veel verf.

Anderlechtsestraat

Over verf gesproken. Het voorbeeld dat ik hieronder uit de doeken wil doen is illustratief voor de oogkleppenpolitiek van het hele stadsbestuur, mevrouw Ampe incluis.

Het moet ergens in 2016 geweest zijn. De Anderlechtestraat rook nog naar de verse verf van het mooie fietspad richting de ring. Bewoners krijgen plots een briefje in de bus waarin wordt gevraagd of ze deze situatie willen behouden of de tweerichtingsstraat terug willen. De uitslag spreekt boekdelen: bewoners willen het fietspad behouden. Een tijdje later wordt de straat terug opgengemaakt in twee richtingen. Er worden gele lijnen getrokken en het fietspad blijft er verbazingwekkend genoeg liggen. Auto’s rijden dus over het fietspad: van sensibilisering en educatie gesproken naar chauffeurs toe.

Anderlechtsestraat

Wanneer een bewoner vraagt waarom de situatie plots veranderde, ook na het zogezegde participatiemoment, krijgt die een mail van Ampe’s medewerker:

mail Els Ampe

De situatie zou hersteld worden na de werken aan de Ninoofsepoort. Die werken zijn al maanden gedaan en guess what: auto’s rijden nog steeds in twee richtingen, de straat ligt er belabberd bij en na verschillende vragen antwoordt de schepen nog steeds niet. Tot daar de participatie.

Burgers met een hart voor hun buurt, die de dingen in vraag durven te stellen worden gewoon genegeerd en met de vinger gewezen als linkse rakkers. Ondertussen gaat de good news show verder, worden échte mobiliteitsoplossingen weggelachen en hameren Ampe en haar collega’s op het belang van de metro. Correct, maar een metro graaf je niet zomaar uit in het moerassige Brussel. Quick wins? No way. Quick politics? Al veel te lang.

Dit college verdient ons niet. Peace.

Kopenhagen is geen Disneyland voor fietsers by Kwinten Lambrecht

In de zomervakantie brachten we enkele weken door in Stockholm en Kopenhagen, allebei voorbeelden van steden die goed scoren als het gaat om levenskwaliteit, openbare ruimte en welzijn.

Kopenhagen beviel me het meest, vanwege zijn fantastische fietspaden, innovatieve infrastructuur en plekken om te eten, te drinken en rond te hangen. We hadden het geluk om wat tips te krijgen van mijn goede vriend Kristoffer.

Vaak hoor ik van mensen dat Kopenhagen geweldig is, omdat het een fietswalhalla is. Zelfs autofreaks raken er bekeerd. Toeristen krijgen er de natuurlijke reflex om hun auto thuis te laten en om meerdere kilometers met de fiets te rijden, zelfs als het regent. Ze zien het bijna als een toeristische attractie om al die Denen dag in dag uit te zien rondrijden.

Copenhagen-LAMBYK.png

Dat brengt mij tot het beslissende punt: beleidsmakers in Kopenhagen hebben hun stad op menselijke schaal ontworpen. Het is geen Disneyland, het is niet zo gemaakt omdat fietsen leuk is. Nee, de stad staat ten dienste van haar burgers en dat uit zich in fantastische parken, plaatsen om te zwemmen, straten waar kinderen kunnen spelen en fietspaden die je bijna knuffelen.

Terug thuis stappen de toeristen weer in hun auto’s en ze vertellen elkaar dat ze een fijne fietsvakantie hadden. Einde verhaal. Het autoleven gaat door. En je kan hun niets verwijten. Want onze beleidsmakers hebben het zo moeilijk gemaakt om te fietsen dat je nog steeds gek verklaard wordt als je vertelt dat je met de fiets bent gekomen. Bedrijfswagens, verschrikkelijke infrastructuur, politici zonder visie…. Het is een gevaarlijke, conservatieve cocktail die voor eens en altijd moet worden weggespoeld.

Het potentieel om mensen op de fiets te krijgen, bestaat. Je moet hun enkel de weelde aanbieden die ze krijgen in ‘fietsstad’ Kopenhagen. Gewoon wachten op duizenden durvers die de straten van Brussel (en Vlaanderen en Wallonië) inpalmen, is te optimistisch.

Swimming pool copenhagen

Bedankt www.brusselblogt.be voor de vertaling van deze blog post, die eerder verscheen in het Engels.

Waarom shoppers lokken met 'gratis parking' een slecht signaal is by Kwinten Lambrecht

De Stad Brussel heeft het weer voor elkaar gekregen: de komende koopzondagen wordt er in de gehele vijfhoek gratis geparkeerd. Dat is een ongelukkige beslissing van ons lieftallig stadsbestuur, dat weer eens voluit de kaart van de vierwieler trekt. Enkele bemerkingen op een rijtje...

Koopkracht auto

Met deze maatregel wordt nogmaals aangetoond dat de huidige politieke klasse niet klaar is voor de radicale ommezwaai waar zoveel steden al jaren mee bezig zijn: de mens terug centraal stellen. Volgens deze klasse staat de auto gelijk aan koopkracht en zal alleen de vierwieler er voor zorgen dat de centjes aan het rollen gaan. Nu, deze politieke klasse deinst er niet voor terug om experten in vraag te stellen maar toch: volgens vele studies doen mensen te voet of met de fiets méér geld op dan met de auto. Geld blijft ook makkelijker lokaal plakken. Ik kan de winkels waar je voor de deur kan parkeren trouwens niet voor ogen houden, tenzij je op het fietspad parkeert natuurlijk...

Het is trouwens stigmatiserend voor jongere handelaars en ondernemers die helemaal niet op deze manier denken.  

Piétonnier-ambities

Het is op z'n minst 'speciaal' te noemen dat je als stadsbestuur de grootste voetgangerszone van Europa probeert te installeren, daar grandioos in faalt vanwege politieke spelletjes, en dan doodleuk gaat verkondigen dat de auto Koning wordt in Brussel om het de shopper zo makkelijk mogelijk te maken.

Leve de niet-Brusselaar

Zelf ben ik ook super blij om te zien dat onze stad wordt gesmaakt, dat er veel bezoekers zijn en dat Brussel weer bruist. Maar blijkbaar zijn de inwoners van Brussel niet gegoed genoeg om de handelaars blij te maken. Onze burgervader wist het in een interview reeds te vertellen: "Mensen uit Woluwe komen niet met het openbaar vervoer". Nee, geef ons maar wat rond toeterende SUV's in ons stadscentrum, dan überhaupt toch al ruikt naar rozenblaadjes, en waar we bovendien geen last hebben van lucht- licht vervuiling.

Brussel is parking

Wie durft te beweren dat er niet genoeg parking in Brussel is, heeft geen benul hoeveel publieke ruimte aan deze drang naar luxe wordt opgegeven. In het stuk dat ik enkele jaren geleden al schreef ('Schaf de pleinen af') documenteerde ik onze pleinen die worden ingepalmd als parking. We moeten af van die gedachte dat parking gemeengoed is, nee het is telkens een individuele inname van publieke ruimte op een bepaald tijdstip en op een gegeven plaats. We zijn de 'waarde' van publieke ruimte totaal gaan vergeten. In teken van de autodroom hebben we zoveel opgeofferd. Auto's horen in een stad die nog relevant wil zijn voor haar burgers thuis in privé-parkings.  

Openbaar vervoer?

We hebben het vaak over de randparkings die er mondjesmaat aan het komen zijn rond de grenzen van het Brussels Gewest. Ook hier is het de politieke klasse zelf die zich boven de efficiëntie plaatst: de ene Vlaamse gemeente ziet het als een inname van Vlaams grondgebied voor 'dat Brussel', de andere Brusselse gemeente ziet het als een invasie van Vlaamse pendelaars. 

Op die randparkings is het dus nog even wachten, maar laten we stations aan de centrumsteden en omliggende gemeenten van Brussel ook gaan beschouwen als randparkings. Hebben de shoppers er bijvoorbeeld al aan gedacht om hun wagen aan het station van pakweg Dilbeek te parkeren en daar de trein rechtstreeks naar Brussel-Centraal te nemen? Stap uit, wandel naar beneden via de Grote Markt, of wandel door één van de galerijen - toch wel u hebt benen, al willen onze schepenen u laten geloven dat ze stilgevallen zijn - récht de shoppingstraten in. Mooi toch? De NMBS heeft zelfs een speciaal soldenticket voor u in de aanbieding!

Brussel als geheel

We horen onze schepen een oproep doen aan het Gewest om eindelijk werk te maken van randparkings, de metro enzoverder. Wanneer je dit beleid zelf terug de dieperik in kegelt door autovriendelijke initiatieven te lanceren, weet je dat het mis gaat.
Hoe lang laten we nog toe dat 19 burgemeesters en schepencolleges, vaak gestuwd door eigenbelang en een onder-de-kerktoren mentaliteit de oplossing van een vraagstuk zoals mobiliteit kunnen gijzelen? De contra-productieve aanpak, waar de ene progressieve gemeente fietspaden en parken aanlegt en de ander parkings wil aanleggen, is er eentje om snel de vuilbak in te kieperen. Brussel zou als stad al zo veel verder kunnen staan indien we niet keer op keer met een afgekookt brouwsel van een eerder aangekondigd champagne-project opgezadeld zouden eindigen.

Wanneer investeren in publieke ruimte “pestgedrag” wordt by Kwinten Lambrecht

Deze bijdrage verscheen eerder op de MO* Magazine / Zeronaut blog.

Met wat vertraging volgt onze hoofdstedelijke regering het voorbeeld van Kopenhagen, Antwerpen, Gent en Namen om een stad op mensenmaat te realiseren door te investeren in de publieke ruimte. ‘Pestgedrag en een ware nachtmerrie voor autobestuurders’, verklaart Els Ampe in de Franstalige krant L’écho. Brussels fietsactivist en blogger Kwinten Lambrecht dient haar van antwoord. 

De Brusselse Schepen van Mobiliteit, Els Ampe (Open VLD) heeft de pers weer gehaald. Na haar ongelukkige passage in het gerenommeerde en internationale blad ‘The Wall Street Journal’, waar ze van leer ging tegen de ‘anti-auto lobby’, neemt ze de zogenaamde anti-auto politiek van de minister van mobiliteit Pascal Smet (sp.a) van de Brusselse Regering onder vuur in L’Echo.

Ampe hekelt de grote infrastructuurwerken ten voordele van de zachte weggebruiker. Die noemt ze een ‘ware nachtmerrie’, ‘te duur’. Zij geeft zelfs aan dat ze de burgers die een klacht bij de Raad van State hebben ingediend tegen de geplande heraanleg van een drukke laan, zal steunen.

Van autostad naar mensenstad

Het moet gezegd worden: wanneer je vandaag door Brussel kuiert heb je de indruk dat de hele stad in de stelling staan. In Jette wordt de tram naar het Universitair Ziekenhuis doorgetrokken, de voetgangerszone wordt heraangelegd, de Ninoofsepoort krijgt een park, de Franklin Rooseveltlaan krijgt fietspaden, enzoverder.

Fijn is het niet, zo met uw bolide in de file staan terwijl de potentiële snelheid van uw stalen ros veel hogere toppen zou kunnen scheren. Een duidelijk signaal is het wel; er wordt namelijk gewerkt aan de evolutie van een stad op auto-maat naar een stad op mensenmaat.

Steden zoals Kopenhagen zijn er al tientallen jaren mee bezig, die mens centraal stellen in stedelijke vormgeving. En ook steden dichter bij huis zoals Gent, Antwerpen of Namen volgen diezelfde trend.

Nu er eindelijk ook in Brussel — weliswaar met de nodige hakken en stoten en Belgische wafelijzers — werk wordt gemaakt van een globaler stedelijk mensenplan, valt Schepen Ampe de Brusselse Regering aan door de broodnodige werken te bestempelen als ‘pestgedrag’. Te weten: Haar Open VLD neemt deel aan de Brusselse regering en Els Ampe is zelf fractieleider voor de partij in het Brusselse parlement.

Ultieme vrijheid

  ©  Floris Van Cauwelaert

© Floris Van Cauwelaert

Jarenlang en onder verschillende coalities veranderde er niets in Brussel. Inwoners van deze stad worden letterlijk gepest door het gebrek aan publieke ruimte in arme buurten, het gevecht dat je als fietser moet aangaan op de ontbrekende infrastructuur, de smalle voetpaden die eigenlijk boulevards zouden moeten zijn. Wie anno 2016 dus aan de hegemonie van de auto wil raken is een pestkop, “Het moet stoppen”, stelde Ampe zelfs in L’Echo.

‘De auto is de ultieme vorm van vrijheid’, zegt men wel eens. Laat net dat een voorbijgestreefd ideaal van de auto-industrie zijn. De auto zorgt helemaal niet voor meer vrijheid: we werden jarenlang belazerd met dieselgate-leugens, waardoor de longen en bloedvaten van onze kinderen er nog net iets zwarter gaan uitzien, de auto maakt lawaai en neemt uitzonderlijke grote delen van onze ruimte in.

Je zou kunnen stellen dat ’s ochtends in de file meegillen met ‘Dancing Queen’ de ultieme vorm van vrijheid is, maar na alles wat we weten over de nefaste gevolgen is het stalen ros de ultieme vorm van egocentrisme geworden.

Hoe ver reikt de ambitie?

Mevrouw Ampe beweerde trouwens in eerdere artikels en interviews dat ze wél een voorstander van de fiets is. Nu, indien we ‘haar werven’ onder de loep nemen zien we dat de voetgangerszone er nog steeds als een braakliggend terrein bijligt.

Nadat bleek dat de standaardprocedure rond de publieke bevraging niet gevolgd werd, kregen enkele handelaars gelijk en ligt de boel sindsdien stil.

Ook van de beloofde ‘3.000’ meter fietspaden, niet meer dan geschilderde witte strepen op asfalt, blijft niet veel meer over. Systematisch zijn in de binnenstad stukken fietspad weggeschraapt en vervangen door suggestiestroken: kijk naar de Zuidstraat, Lemonnierlaan, Adolphe Maxlaan en Duquesnoystraat.

‘Pestgedrag’, moet mevrouw Ampe gedacht hebben, en zo werd de stadstoekomst weer een kopje kleiner gemaakt. Ook de daadkracht van de fietsbrigade, die consequent de fietspaden in Brussel bewaakt, werd hierdoor ondermijnd aangezien fietssuggestiestroken geen wettelijke grondslag hebben.

Verder blinkt Mevrouw Ampe uit in het aanbieden van parkingruimte in de Brusselse Vijfhoek. Over de vijf geplande splinternieuwe parkings is nog niets bekend. Misschien hebben ook de parkingbedrijven door dat gedeelde mobiliteit voor de deur staat en autobezit binnenkort ‘not done’ is.

Is deze maatschappelijke evolutie ook pestgedrag, mevrouw Ampe?

Acht ideeën om zwerfvuil tegen te gaan by Kwinten Lambrecht

Bedankt aan BrusselBlogt voor de vertaling van dit artikel dat eerder in het Engels verscheen!


Ik woon in de Slachthuislaan in hartje Brussel, het centrum van België, de hoofdstad van Europa. Mijn buurt is ‘in ontwikkeling’. Het Brussels Gewest legt binnenkort aparte fietspaden aan en een enorm park aan de Ninoofsepoort. Op dit moment kunnen we enkel hopen dat de infrastructuurwerken er een betere plek van zullen maken. Want vandaag is mijn buurt vuil: onze groene plekken dienen als vuilnisbelt, de Kleine Ring is een autosnelweg zonder snelheidsbeperking (en geen enkele politicus kan het iets schelen) en onze straat bestaat uit zwerfvuilhotspots.

De afgelopen twee jaar waren de meeste hoeken van mijn straat voortdurend bezaaid met alles wat je je kunt voorstellen: wc’s, bedorven voeding, ontmantelde meubels, tapijten, enz. Ik heb verschillende keren geprobeerd via Twitter het probleem aan de kaak te stellen bij niet-visionaire politici zoals Fadila Laanan (Brussels staatssecretaris voor Openbare Netheid) en Karine Lalieux (Schepen van Openbare Reinheid van de stad Brussel). Zonder veel resultaat. Ik bedoel maar: als je belang hecht aan het gebruik van sociale media in je politieke communicatie, stop dan met jezelf te bewieroken voor de grote daden die je stelt in je leven. Neem je verantwoordelijkheid,  geef ‘je’ burgers antwoorden, reik oplossingen aan. In Brussel gebruiken enkel de schepenen Els Ampe en Ans Persoons de sociale media effectief om te communiceren met de burgers.

Lalieux, die al sinds 2006 (!) bevoegd is voor openbare netheid, antwoordde mij ooit door haar eigen initiatieven te prijzen, zonder aandacht te hebben voor het echte probleem: dag na dag wordendezelfde plaatsen gebruikt om afval te dumpen. Tijdens een wijkbijeenkomst negeerde ze mijn vraag, dus ik besloot er niet meer naartoe te gaan. Misschien heeft ze het te druk met haar tweede baan als parlementslid in het Federaal Parlement. Kun je je voorstellen dat je voltijds parlementslid bent en tegelijk de verantwoordelijkheid draagt voor de netheid van een stad met meer dan 100.000 inwoners? Dat is te gek om los te lopen!

De vraag blijft waar al dat afval vandaan komt. Mijn straat moet in duistere kringen bekend staan als ‘the place to be’ om je te ontdoen van je vuilnisbak, want één, of zelfs vijf families samen, kunnen het afval niet produceren dat we dagelijks aantreffen in onze straat. Mijn punt is: als je weet dat sommige plaatsen bekend staan als hotspot, waarom treedt er dan iemand op? Het maakt het nog moeilijker om de buurt waar je woont te respecteren als je al het afval om je heen ziet. We zijn letterlijk de toekomst van onze kinderen aan het verspillen. Tot dusver zijn ze opgegroeid met het idee van smerige straten en konden ze nooit spelen in het park aan de andere kant van de straat, omdat het gereserveerd is voor de nare gewoonten van een aantal Brusselaars en, wie weet, mensen van ver daarbuiten!

De situatie die ik hierboven geschetst heb, doet waarschijnlijk een belletje rinkelen bij vele Brusselaars, dus laten we proberen constructief te zijn. Hieronder vind je acht suggesties om het afvalprobleem in Brussel te lijf te gaan:

  1. Repressie: gebruik camera’s, zoals in Molenbeek, om plaatsen voor een aantal dagen te observeren en bestraf de criminelen.

  2. Plaats ondergrondse afvalcontainers en laat mensen ze altijd gratis gebruiken.

  3. Organiseer ruilmarkten voor inwoners, waar je spullen die je niet nodig hebt inruilt voor dingen die je buren aanbieden.

  4. Organiseer meer dan twee gratis inzamelingsrondes voor grofvuil per jaar. Doe het elke maand en communiceer er verstandig over.

  5. Mensen weten niet wanneer het tijd is om de blauwe, witte of gele zakken buiten te zetten. Informeer hen met speciale kalenders.

  6. Geef de burgers stimulansen. Laat hen groenafval van fruit en groenten naar wijkcompostcentra brengen.  Zodra ze twintig kilogram afval gecomposteerd hebben, krijgen ze een gratis zakje potgrond om planten en bloemen te kweken op hun terras of in hun tuin.

  7. Organiseer guerrilla-acties om aan te tonen dat je wijk vervuilen niet door de beugel kan, zoals inLissabon of in Londen.

  8. Zorg voor meer publieke ruimte. Vorm de parking annex stortplaats op de Poincarré- en Slachthuislaan zo snel mogelijk om tot een groene oase.

Formuleer gerust jouw ideeën of laat weten wat je ervan vindt!