Mobiliteit

Een ode aan de Brusselse werf by Kwinten Lambrecht

Ninoofepoort Brussel

3 oktober 2016 stond al even in mijn agenda aangestipt. Die zondagavond, moet ik bekennen, kon ik er zelfs niet goed van slapen, van wat er de dag erna stond te gebeuren. Maandagochtend ging ik als een klein kind hopend op een Witte Kerst naar buiten om hét te gaan aanschouwen: de grote werf voor mijn deur. Eureka, wat een geweldig gevoel! Die blokken beton, die gele stippellijnen, verkeersborden. 

Eindelijk kan je aan den lijve ondervinden dat er aan Brussel gewerkt wordt. We zitten in één grote werf and I love it! Al te vaak zijn we in Brussel uitgelachen geweest om onze planning zonder plan, op onze ideetjes zonder echt idee. Wel, dit verandert voor mij vandaag, en wel in mijn godgeklaagde achtertuin!

De buurman daarentegen was er het hart van in toen ik de vuilniszak buiten ging zetten: "Quel bordel, je ne peux même pas me garer!", schreeuwde de man het uit. Ach, geen NIMBY (Not In My Back Yard) syndroom voor mij. Ik ben oprecht gelukkig met wat er hier aan de Ninoofsepoort gebeurt. Het was en is een stadskanker om U tegen te zeggen, maar enkele maanden geleden begon de bestraling ervan door een welverdiende afbraak van de hangar. Toen lagen de werken even stil en kroop de twijfel er alweer in. Tot die verlossende nieuwsberichten er kwamen: het park komt er!

Foto  Bruzz / ©  Saskia Vanderstichele

Foto Bruzz/© Saskia Vanderstichele

Het toekomstplan

Het toekomstplan

De werken zullen één primair effect hebben: er komt een groot park en de wegen er rond worden aan de 'nieuwe situatie' aangepast. Hopelijk hebben de werken ook secundaire effecten: het veranderen van de mobiliteitsvisie bijvoorbeeld, wanneer je de tram naast je eenzame zelf in de wagen ziet zoeven of fietsers in alle veiligheid langs de vangrails ziet rinkelen, het terugwinnen van het respect voor de buurt, het hunkeren naar publieke ruimte in plaats van ruw asfalt en, waarom ook niet, een nog groter park op de parkeerstrook die naar het Zuidstation leidt.

Deze werken wijzen op goed bestuur en kunnen zelfs leiden tot 'Brussels Staatsmanschap' indien de huidige visie wordt doorgetrokken. Vandaag ben ik dus euforisch over de alsnog lege put, over de wegomleidingen, over de uitstekende bewijzering, over de verhoogde veiligheid voor fietsers, over de toekomst. Laat die werven dus maar komen. Ons ploeteren zal beloond worden.

Wanneer fiets en bus een baanvak moeten delen by Kwinten Lambrecht

Open brief van Pieter aan De Lijn.

Beste buschauffeur van De Lijn,

Maandagochtend omstreeks 08H35 fietste ik, in de as van de Leopold II laan, ter hoogte van het Saincteletteplein. Bij gebrek aan een fietspad, reed ik tussen de tramsporen, de baan die ook jouw bus volgt richting centrum. Jij reed aan volle snelheid achter me aan en toeterde meermaals om mij duidelijk te maken dat ik, voor jou, te traag ging. Net voorbij de bocht van de tram, een heikel punt om over te fietsen, stak je me bruusk en rakelings voor bij. Ik voelde de luchtverplaatsing. Ik lag er bijna onder.

Je reed zo snel dat je zeer scherp rechts moest bij halen om nog op tijd aan de volgende halte kunnen stoppen (op de Antwerpselaan, thv Metrohalte Ijzer). Voor mij fietste een jonge moeder die jouw razernij niet gezien had. Ze kon nog uitwijken. Ze lag er bijna onder. Ze schreeuwde het uit. Kwaad. Angstig.

Ik fiets al jaren in Brussel. Ik hou van de vrijheid. Ik zal het nooit opgeven. Maar het is een gevecht. Het loopt weldra fataal af. Verander je gedrag. Nu.

Met Vriendelijke Groeten,

Pieter

Er kwam een rookverbod, wanneer een ‘autoverbod’? by Kwinten Lambrecht

Bram Algoed, autoverbod

Gastbijdrage door gelijkgezinde Brusselaar, Bram Algoed.

Het is het jaar 2003, ik ben 13 jaar oud en pendel dagelijks naar Brussel. Op de overvolle trein is het zoeken naar een zitplaats. Ik worstel mij door een paar wagons, maar vind geen zitplaats. Ik geef het op en neem plaats in de rokerscoupé. Geheel uit vrije wil, omdat ik niet niet in het gangpad wil gaan staan, en omdat ik niet beter weet. Net als de man tegenover mij, die er geen probleem van maakt om te roken in de buurt van een minderjarige: omdat hij niet beter weet.

Het lijkt bijna ondenkbaar dat er 13 jaar geleden nog gerookt werd op de trein. Amper vijf jaar geleden werd het rookverbod ook naar de horeca uitgebreid. Een vastgeroeste gewoonte die we nooit zouden kunnen afzweren, omdat dit de hele sector zou kapot maken, lijkt vandaag de normaalste zaak ter wereld. Een oude gewoonte inruilen voor een nieuwe is nooit leuk. We maken ons op voorhand graag druk over de vrijheden die we zullen moeten opofferen. Achteraf blijkt het steeds mee te vallen en beseffen we plots dat het de passieve roker is die jarenlang zijn vrijheid heeft afgestaan.

Vrijheid voor de stadsbewoner

Nog zo een gewoonte is het autogebruik in de stad. Momenteel is de wagen er alomtegenwoordig, maar dat valt minder en minder te verantwoorden. Mits enkele uitzonderingen, inwoners die 100 procent het recht hebben op het gebruik van een (eigen) auto, kan de grote meerderheid niet argumenteren waarom net zij het verdienen om met een wagen in de stad te rijden. Niet alleen is een auto ontzettend vervuilend (smog is geen neveneffect van de stad, maar van de auto), maar eist ‘het ding’ op de koop toe 2/3 van de publieke ruimte op. Bovendien staat een wagen meer dan 90% van de tijd geparkeerd. Argumenten als ‘gebruiksgemak’ en ‘comfort’ wegen hier echt niet tegenop. Een stad is in de eerste plaats bedoeld om te leven. De slechte luchtkwaliteit en het gebrek aan ruimte maken haar onleefbaar. Hoog tijd om deze slechte gewoonte naar de prullenmand te verwijzen.

“Een stad is in de eerste plaats bedoeld om te leven. De slechte luchtkwaliteit en het gebrek aan ruimte maken haar onleefbaar.”

Flexibiliteit tonen, alternatieven bieden

We moeten overstappen naar flexibele mobiliteit. Per verplaatsing ga je nadenken welk vervoersmiddel het meest geschikt is.

Minder dan twee kilometer? Dat doe je gewoon te voet. Jouw tienduizend stappen heb je meteen gehaald en die zeldzame Pokémon krijg je er gratis bij. Minder dan tien kilometer? Dat gaat vlot met de fiets, jouw dokter had je toch aangeraden om minstens 30 minuten per dag te bewegen? Potentieel is dit ook het snelste vervoersmiddel, indien de infrastructuur nu nog even mee zou willen. Ben je toch niet goed te been of is het hondenweer? Dan neem je de bus, tram of metro.

Het gebruik van de auto ontmoedigen is een volgende stap. Steden als Kopenhagen en vooral Amsterdam hebben ook niet gewacht op de goede wil van hun inwoners om de stad autoluw te maken. Dit hebben ze opgelegd met ogenschijnlijk radicale ingrepen. Een ambitieus parkeerbeleid, waarbij het soms twee jaar wachten is op een parkeerkaart. Het gevolg is dat mensen geen twee maar drie keer nadenken voor ze met hun auto de stad inrijden. Recht vooruit die Nederlanders!

We moeten slaan én zalven. Je kunt niet enkel iets verbieden, als je geen waardig alternatief aanbiedt. Voetgangerszones en een streng parkeerbeleid moeten gekoppeld worden aan een doordacht openbaar vervoersnetwerk, met vlotte verbindingen naar transitparkings. Bovendien verdient de fiets een evenwichtig deel van de openbare weg, met brede fietspaden, fietsbruggen en fietsstraten.

Het is het jaar 2016. Ik ben 26 jaar oud en fiets dagelijks door Brussel. Ik worstel mij door het verkeer, op zoek naar een vrij stukje fietspad. Ik geef het op en schuif aan in de file. De auto voor mij jaagt CO2 en heel wat andere troep door mijn longen, omdat hij niet beter weet. En ik? Ik blijf fietsen, omdat ik geloof in beterschap.

Fietspaden in Brussel Centrum: Verdwijnt ambitie samen met verf? by Kwinten Lambrecht

Is er nog geld voor nieuwe fietspaden in Brussel? We kunnen het alleen maar hopen of proberen te raden, de processen-verbaal van de Fietscommissie werden namelijk sinds oktober 2015 niet meer publiek gemaakt. Is er voor de huidige fietspaden in Brussel, ongeveer een jaar geleden dé troef van het nieuwe circulatieplan, nog geld voor het onderhoud? Blijkbaar niet.

De 'fietspaden' smelten als sneeuw voor de zon, waardoor de veiligheid van de (aspirerende) Brusselaar op de fiets in gedrang komt. De fietspaden vervagen doordat auto's er graag op parkeren of rijden, en door het slechte weer uiteraard. Er blijft ook troep op de fietspaden liggen; van glas, tot kiezelstenen of zelfs bloembakken (!).

Een greep uit een fietstocht op de Stalingradlaan, Agustijnenstraat, Visverkopersstraat, Zwarte Lievevrouwstraat,...

Dat de aanleg van afgescheiden fietspaden op zich laat wachten, is nog enigszins te begrijpen - vergunningen je weet wel - maar het ontbreekt de stad aan ambitie om zelfs de bestaande geschilderde paden te onderhouden. Als je weet dat een waterverf-fietspad een levensduurte heeft van ongeveer 6 maanden, moet je daarop kunnen anticiperen. Tijd voor actie; om het gebruik van de fiets verder aan te moedigen en om te tonen dat het de Stad Brussel menens is.

UPDATE

Schepen Ampe heeft beloofd dat er deze maand nog (juni 2016) werken gepland zijn.

En er zijn plannen in de maak voor afgescheiden fietspaden...

Leve de circulatie, adieu voetgangerszone? by Kwinten Lambrecht

Voor vele sporadische bezoekers van Brussel centrum is het misschien nog niet helemaal duidelijk maar de ‘nieuwe’ voetgangerszone wordt onder de voet gereden door auto’s die fout parkeren en de zone zelfs als transit gaan gebruiken. De Piétonnier is één grote kaas met gaten geworden. 

Het is opmerkelijk dat er bij de start van de voetgangerszone (eind juni) dagelijks vele politiecontroles waren in en rond het Beursplein. Na Winterpret verdwenen ze, vervangen door auto’s die ook na 11u (deadline voor leveringen) de voetgangerszone doorkruisen.

De Ortsstraat - hier kunnen auto's makkelijk door.

De Ortsstraat - hier kunnen auto's makkelijk door.

De Stad Brussel helpt niet. Het verwijderen van de bloembakken aan de Ortsstraat zette de deur open voor de autodruk vanuit de Dansaertstraat.  Daarnaast is het vanuit het Sint-Goriksplein een koud kunstje om tegen de richting in naar de Beurs te rijden én als je een beetje handig bent zelfs naar de Arteveldestraat. De Zuidstraat en alle zijstraten zijn géén voetgangerszone. Hier wordt geparkeerd en vanuit dit niemandsland rijden de auto's dan ook richting Beurs. Dit is ook het geval voor de Plattesteen, waar heel wat voertuigen rondzwerven die er in se niets te zoeken hebben. Hieronder enkele sfeerbeelden:

Overcompensatie

Over de Maurice Lemonnierlaan werd aangekondigd dat ze terug in twee richtingen wordt getransformeerd, zodat er nu vanuit het Zuiden van de stad ook druk op de zone zal gezet worden. En, wat wordt er geschrapt: het fietspad of de busstrook? Eén ding is zeker: de zachte mobiliteit zal alweer verliezen.

Ondertussen verdween er een goede fietsverbinding naar de benedenstad in de Bisschopsstraat en werden er fietspaden weggehaald op de Adolphe Maxlaan richting Rogier – hier werd dwarsparkeren ingevoerd! Ook op de Wolvengracht is het ploeteren voor fietsers, tussen twee rijvakken. En de Asstraat? Ook daar werd het fietspad geschrapt in het voordeel van de auto.

Situatie op de Adolph Maxlaan - levensgevaarlijk. Foto via www.velodossier.be

Situatie op de Adolph Maxlaan - levensgevaarlijk. Foto via www.velodossier.be

Overcompensatie voor de handel in het nadeel van het algemeen belang is momenteel dé trend. Laat ons eerlijk zijn, het voorbeeld van de Adolph Max is frappant. De laan ligt op 40 meter van de drukbezochtste winkelstraat van België. Hoe kan het dat net zij minder klanten hebben, terwijl de overvloedige parkings in de buurt halfleeg zijn en de klant wel de Nieuwstraat kan vinden? Aan wie ligt het dan? Kreunt de Nieuwstraat onder de Piétonnier?

Masterplan

Afsluiten moeten we met een positieve noot. We zijn er eind juni 2015 op vooruit gegaan in Brussel. Er werd potentieel een enorme stap vooruit gezet inzake levenskwaliteit van de Brusselaar. Spijtig dat dezelfde Brusselaar nu moet vaststellen dat we al snel weer achteruit gaan. 

De ingrediënten voor een ‘goede’ voetgangerszone zijn redelijk eenvoudig:

  • voldoende visuele aanduiding door correcte en zichtbare verkeersborden 
  • obstakels met bloembakken of nadarhekken
  • duidelijke communicatie naar de bevolking toe 
  • zichtbare en doeltreffende politie die dit thema echt wel ten harte neemt en deze zone kan vrijwaren en afdwingen.

Een Masterplan voor Brussel dringt zich (alweer?) op. De Stad moet rekening houden met elke Brusselaar (ongeacht het vervoersmiddel) maar mag de finaliteit van haar mobiliteitsplan niet vergeten. Brussel is nog altijd bereikbaar genoeg met de auto. Diezelfde auto gebruikt Brussel genoeg als speelterrein. Nu is het tijd dat de Brusselaar op handen en/of voeten ook van die openbare ruimte kan genieten!

Verkeersonveilige zones van Brussel: de rode draad by Kwinten Lambrecht

Het opzoekingscentrum voor de Wegenbouw, Espaces Mobilité en het BIVV hebben zonet een studie gepubliceerd die de meest verkeersonveilige plekken van Brussel in kaart brengt. En die plekken zien er zo uit:

12185580_1118212361536354_6760691508318447728_o.png

De gevaarlijkste hotspot van Brussel is de Fonsnylaan: proficiat aan Vorst, het Gewest, en alle andere betrokken partijen voor deze mooie prijs! Ik schreef hier meer dan twee jaar geleden al een stukje over, de 'Fonsny ramp' genaamd. Hoewel ik niet verwacht dat door een blog post van een average Brusselaar er plots dingen veranderen, toont dit vanuit het gebruikersstandpunt aan dat er wel degelijk een groot probleem is. Verder zien we nog enkele toppers zoals de Bockstaellaan, Leuvensesteenweg, Bergensesteenweg, Poelaertplein,... Wat vertelt dit over over onze stad, over ons Gewest?

Onevenwichtigheid als rode draad

Brussel is een puik voorbeeld om aan te tonen dat de balans tussen zachte weggebruikers en de auto totaal zoek is. We hebben geweldig lange en brede boulevards, zoals die op het kaartje mooi beschreven staan, tunnels, parkings op pleinen, enzoverder. Alsof dat niet genoeg is wordt de publieke ruimte'beveiligd' door duizenden paaltjes die voorkomen dat de auto haar expansie verderzet over trottoirs, voetpaden en fietspaden - wat in de meeste gevallen aardig lukt. De blog Destroy BXL, stelt trouwens de inbreuken tegen deze beschermengels vast; wat als daar een mens had gestaan in plaats van een paal? 

destroy.jpg

Die onevenwichtigheid in de publieke ruimte, die expansie, vertaalt zich ook in de oplegging van een snelheidsideologie: Brusselaars zijn niet bang van een straatrace, Brusselaars die op een fiets zitten of te voet oversteken wel.

Het toeval wil net dat op de meeste van deze plekken snelheid geen issue is, dit zijn lanen met twee, drie, vier rijvakken waar chauffeurs het beste van zichzelf mogen geven, nadat ze minutenlang voor het rood licht hebben moeten staan om die verdomde voetgangers te laten oversteken. Het zijn plekken waar voetgangers en auto's die dienen af te slaan tegelijkertijd 'groen' krijgen. Het zijn straten met in het beste geval fietssuggestiestroken. Het zijn de stadssnelwegen.

Brusselaars zijn niet bang van een straatrace, Brusselaars die op een fiets zitten of te voet oversteken wel.

Oplossingen

Touring zal het misschien niet graag horen, maar we zullen het met minder auto's moeten doen. In een stad die gemaakt is op maat van de mens (+ 1.200.000 Brusselaars nu toch al) heeft de brullende auto geen plaats meer. Vandaar dus nogmaals een oproep voor meer transitparkings en minder publieke ruimte voor de wagen op straat. Maak desnoods de openbare parkings (openbaar sic. ze worden uitgebaat door de privé) goedkoper voor bewoners of stel bedrijvenparkings open.

Een tweede voor-de-hand-liggende oplossing is repressief optreden; gebruik de camera's die ooit zullen worden aangewend voor rekeningrijden als controleorgaan voor zondaars, hardrijders en haal ze uit het verkeer. Want zeg nu zelf, hoe vaak heeft de politie uw rijbewijs al eens gecontroleerd?

Ten derde mag Brussel het tweede Leuven worden, zeker niet qua sfeer en gezelligheid (god no!) maar wel qua flitscamera's. Indien je er te hard rijdt vliegen de flitsen er je om het hoofd, een echte strobo-autostrade als het ware. Flitsen werkt. Bang maken werkt. In Zweden bijvoorbeeld bestaat er het 'Vision Zero' programma: iedereen die te snel rijdt wordt onherroepelijk beboet. Zweden staat vol flitspalen. Ter informatie: de hele Brusselse vijfhoek is een zone 30. Stel je voor!

Infrastructuur moet de vierde boosdoener worden voor de wagen. Snelheidsheuvels, een slalom hier en daar, zelfs paaltjes om het verkeer te beletten nog verder uit te wijken dan het al doet. Het kan allemaal helpen.

Zelf nog ideeën? Het is wachten op een concrete uitwerking van een "Masterplan ter bescherming van de Brusselaar".